Een eerste begin met het terugvinden van het hoe en waarom straten heten zoals ze heten.
mei 2010
Honderd jaar Nederland: in 1913 werd het groots gevierd. In Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en natuurlijk in Scheveningen werd herdacht dat op 30 november 1813 de toenmalige Prins van Oranje Willem Frederik van Oranje-Nassau in Amsterdam in Scheveningen weer voet op Nederlandse bodem zette. Daarmee werd de grondslag gelegd voor het moderne Koninkrijk der Nederlanden. In 1913 werd het eeuwfeest van de herwonnen souvereiniteit groots gevierd én gefilmd.
Toen eind 1813 Napoleon werd verslagen en er door de overwinnaars een staatkundige herinrichting van Europa werd bewerkstelligd, herkreeg Nederland, dat deel uitmaakte van het Franse Keizerrijk, zijn vrijheid.
Op 30 november 1813 zette Willem na achttien jaar ballingschap in Engeland weer voet op Nederlandse bodem. In Londen was hij per brief uitgenodigd als "soeverein vorst" de regering op zich te nemen. De brief was afkomstig van de Haagse notabelen Gijsbert Karel van Hogendorp, Frans Adam van der Duyn van Maasdam en Leopold van Limburg Stirum.
Willem aanvaardde hun uitnodiging en een Engels fregat bracht hem naar de kust van Scheveningen. Met een boerenwagen werd hij vervolgens naar het strand gereden. Een van de eerste dingen die hij in Nederland deed, was een proclamatie uitvaardigen, waarin hij aankondigde: "Ons gemeene Vaderland is gered: De oude tyden zullen weldra herleeven."
Na de proclamatie van het Soeverein Vorstendom der Verenigde Nederlanden werd de toenmalige Prins van Oranje Willem Frederik van Oranje-Nassau in Amsterdam als soevereine vorst ingehuldigd en aanvaardde hij de soevereiniteit van dit vorstendom onder waarborg van een constitutie. Dit betrof echter aanvankelijk enkel de zogeheten Noordelijke Nederlanden: de vereniging met de Zuidelijke Nederlanden vond plaats in 1814 in een réunion intime et complète. In maart 1815 nam deze vorst de titel Koning der Nederlanden aan. Daarmee was het Koninkrijk der Nederlanden een feit.
Lees hier verder